Laat je sollicitatiebrief eruitspringen door een begrijpelijke, aantrekkelijke, bondige en directe formulering!
Begrijpelijke formulering
Signaalwoorden
Signaalwoorden zijn eerder ter sprake gekomen in de modules 2 (Alinea’s) en 3 (Zinnen). Het zijn woorden als: kortom, desondanks, niettemin, integendeel, ten eerste, ten tweede, dus, blijkbaar, trouwens, namelijk, bovendien, immers, uiteraard, ... Let erop dat ze het juiste signaal afgeven. Schrijf bijvoorbeeld niet ‘ten slotte’ als je daarna gewoon verder gaat met je verhaal.
Verwijswoorden
Verwijswoorden zijn ook al eerder ter sprake gekomen. Het zijn woorden als: deze, die, dit, dat, ze, hij, het, daarin, enzovoort. Ze moeten passen bij het woord waarnaar ze verwijzen. In het volgende voorbeeld verwijzen de woorden ‘ze’ en ‘haar’ naar het woord ‘organisatie’.
Ik wil graag voor uw organisatie werken, omdat ze bekendstaat om haar ...
Het woord ‘organisatie’ is vrouwelijk en dus moeten de verwijswoorden ook vrouwelijk zijn. Of een woord vrouwelijk, mannelijk of onzijdig is, kun je opzoeken in het woordenboek. Naar onzijdige woorden (‘het-woorden’) verwijs je altijd met ‘hij’, ‘hem’ en ‘zijn’, behalve als ondubbelzinnig duidelijk is dat de aard van het woord vrouwelijk is (‘het meisje’ bijvoorbeeld).
Naar personen verwijs je met ‘wie’ en niet met ‘waar’:
De collega met wie ik bij deze onderneming heb samengewerkt ... (goed)
De collega waarmee ik bij deze onderneming heb samengewerkt ... (fout)
Let er ten slotte nog op dat de verwijswoorden die je gebruikt in de buurt staan van de woorden waarnaar ze verwijzen. Degene die je brief leest moet direct kunnen zien waarop de verwijswoorden betrekking hebben.
Inhoudswoorden
Inhoudswoorden zijn meestal herhalingen van zelfstandige naamwoorden of werkwoorden. Pas op dat die herhalingen niet gaan vervelen. In sollicitatiebrieven worden vaak de woorden ‘baan’, ‘functie’, ‘vacature’ en ‘werk’ afgewisseld, evenals de woorden ‘onderneming’, ‘organisatie’, ‘bedrijf’ en ‘instelling’. Dit is prima om eindeloze herhalingen van dezelfde woorden te voorkomen, maar zorg er wel voor dat duidelijk blijft waar je het precies over hebt.
Aantrekkelijke formulering
Positieve of negatieve woorden
Gebruik liever positieve of negatieve woorden dan neutrale. Met neutrale woorden maak je je brief kleurloos. Kies daarom bijvoorbeeld liever voor ‘inkrimping van het personeelsbestand’ of ‘uitbreiding van het personeelsbestand’ dan voor ‘aanpassing van het personeelsbestand’.
Vermijd verder dubbele ontkenningen, zoals die in het volgende voorbeeld.
Dit betekent niet dat ik geen oog heb voor zaken als de sfeer binnen een team.
Schrijf liever:
Daarbij heb ik zeker oog voor zaken als de sfeer binnen een team.
Concrete, exacte woorden
Schrijf zo concreet mogelijk. Kies woorden die precies aangeven wat je wilt zeggen. Wees dan ook voorzichtig met vage woorden als: zoiets, in principe, eigenlijk, een zekere, bepaalde, heel wat, nogal, tamelijk, huidige, zaken, factoren, aspecten, elementen, concepten, gebeuren ...
Moderne woorden
Let erop dat je niet te ouderwetse en formele constructies gebruikt, zoals: onder verwijzing naar uw advertentie van maandag jl., naar aanleiding van uw schrijven d.d., uw antwoord tegemoetziende, vertrouwende u hiermee voldoende te hebben geďnformeerd, enzovoort. Je tekst wordt een stuk aantrekkelijker als je zulke constructies vervangt door modernere: in uw advertentie van afgelopen maandag heb ik gelezen dat ..., ik kijk uit naar uw antwoord, ik hoop dat ik u zo voldoende informatie heb gegeven, ...
Variatie in woordkeus
Gebruik niet steeds dezelfde woorden. Zoek eens een synoniem of maak gebruik van verwijswoorden en inhoudswoorden. Maar zorg er wel voor dat je tekst duidelijk blijft. Liever wat te veel herhaling dan een onduidelijke tekst. Zie hiervoor ook de tekst onder het kopje Inhoudswoorden.
Correcte spelling
Zorg voor een correcte spelling. Gebruik de spellingchecker van je tekstverwerker, raadpleeg een woordenboek of maak gebruik van de Sollicitatieset. Daarin staan meer dan honderd kant-en-klare zinnen, zodat je de kans op fouten in je brief aanzienlijk verkleint. Wil je om de een of andere reden afwijken van de gangbare spelling, wees dan in ieder geval consequent. Niets staat slordiger dan woorden die de ene keer zus en de andere keer zo zijn gespeld. Laat je brief, nadat je klaar bent met schrijven, een tijdje liggen en lees hem dan nog eens door. Vaak zie je ineens fouten die je eerst over het hoofd had gezien. Ook kun je een familielid of vriend(in) vragen je brief nog eens door te lezen.
Bondige formulering
Zoals in module 1 al is gezegd, moet je de aandacht zien vast te houden van degene die je brief onder ogen krijgt. Formuleer daarom bondig. Dat houdt het volgende in.
Directe formulering
Met ‘directe formulering’ wordt bedoeld dat je je lezer rechtstreeks aanspreekt. Het moet net lijken alsof je recht tegenover hem zit en een gesprek met hem aanknoopt. Dat doe je door hem aan te spreken met ‘u’ en naar jezelf te verwijzen met ‘ik’.
Zorg er verder voor dat de toon van je brief passend is. Dat houdt bijvoorbeeld in dat je voorzichtig bent met trendy woorden. Je kent degene aan wie je brief is gericht waarschijnlijk niet en hebt geen idee hoe hij op een dergelijke toonzetting zal reageren.
Terug naar de inhoudsopgave van de minicursus Sollicitatiebrieven schrijven